Opa, vertel nog eens van vroeger

Grote sportevenementen volgen elkaar op in Utrecht. In juli kleurde de stad geel en wit met rode stippen tijdens Le Grand Départ. In januari zijn de kleuren wit en zwart als het Tata Steel Chess Tournament naar het Spoorwegmuseum komt. Ook deze week stond ons edele spel volop in de aandacht met de première van Pawn Sacrifice, een film over de match Spassky-Fischer in het Louis Hartlooper Complex.

De zaal zat helemaal vol met schakers, schaaksters en andere geïnteresseerden. Met dank aan de door LHC beschikbaar gestelde gratis kaartjes (twee per schaakclub), waarvan één voor deze fraviole schaker. Bij deze hartelijk dank. De film draaide rond de WK-match Spassky-Fischer in Reykjavik 1972, met op de achtergrond de Koude Oorlog tussen de VS en de Sovjet-Unie. Nou heb ik die Koude Oorlog nog wel meegemaakt, de match was voor mijn tijd. Daarmee hoor ik tot de andere groep schakers dan onze Hein Piet, die vooraf uitgebreid een toelichting gaf op de match en het wereldbeeld van die tijd.

De film is een verplichte geschiedenisles voor elke schaker. Het was verheugend om te zien dat een paar van onze jeugdleden ook aanwezig was. De film volgt Fischer vanaf zijn jeugd tot aan het hoogtepunt, de WK-match in 1972. We zien Fischer steeds meer paranoïde worden met steeds gekkere eisen voor de toernooiorganisaties. Het leidt tot het forfait van de tweede partij, waarna de hele wereld inclusief Henry Kissinger hem moet overtuigen om toch door te gaan. Dat doet hij en een paar partijen later staat hij alweer gelijk.

Partij 6 is het hoogtepunt van de film. Volgens velen een van de mooiste partijen aller tijden. Na Fischer’s laatste zet staat Spassky op en applaudisseert. Daarna doet het publiek hetzelfde. In de werkelijkheid was dit net andersom, zo werd mij na afloop van de film verteld. Als schaker let je toch al gauw op of er “foutjes” in zitten. Dan heb ik het niet over schoonheidsfoutjes, zoals het direct opgeven na 30.g3 in partij 1. Niemand zit te wachten om nog een uur te kijken naar de technische fase die nog volgde. Zeker voor de niet-schaker ongeveer net zo spannend als gras zien groeien.

Twee fouten vielen mij wel op. Nadat een jonge Fischer in de boekhandel een Russisch schaaktijdschrift kocht, gaat hij thuis de partijen analyseren. De eerste zetten: 1.h4, h5. Nog slordiger is dat ze het hebben over de arbiter Wolfgang Schmid. Dat was ook een schaker, maar de match werd geleid door Lothar Schmid.

Ondanks de foutjes, een alleraardigste film over Fischer, zijn paranoia en de Koude Oorlog. Na afloop togen de schakers naar de bar van het LHC om na te praten over de film en nog wat te blitzen. De voorzitter had hiervoor wat borden en stukken meegenomen. En zo kreeg het schaken de hele avond alle aandacht in het LHC.

In de aanloop naar Tata in het Spoorwegmuseum zijn er nog meer activiteiten in Utrecht. Zo kan je a.s. woensdag 9 december meedoen met een simultaan in het LHC. En in januari volgt nog een schaakweek.

Een reactie plaatsen